Risico inschatting voor verzekeraars

Authors: Reinald Curiel, Servaas Houben

link:http://www.vbcuracao.com/website/index.php?option=com_docman&task=doc_download&gid=72&Itemid=57 (pages 13-20)

pdf: VBC-Newsletter-oct16_Risico inschatting verzekeraars

Publisher, publication date: VBC magazine, 2016-10

——————————————————————————————————————————

Nieuwe verzekerings regelgeving

De Curaçaose verzekerings industrie voert jaarlijks een toets uit om na te gaan of verzekeraars in staat zijn om aan hun toekomstige verplichtingen te voldoen. Pricing grondslagen gehanteerd voor het bepalen van een premie en de reserve[1] worden voornamelijk door de verwachtingen rond rendement en sterfte ontwikkelingen bepaald. Echter kunnen deze uitgangspunten tijdens de duur van een verzekerings product wijzigen waardoor eerder vastgestelde reserves onvoldoende kunnen zijn. Deze toets op actuele grondslagen heet de toereikendheidstoets ofwel Liability Adequecy Test (LAT). De huidige discussie rondom de toets spitst zich toe tot de vraag welke rentecurve gehanteerd moet worden, en of centrale bank deze curve moet voorschrijven of dat er ruimte is voor eigen interpretatie. Dit artikel beschrijft wat de impact kan zijn van veranderende omstandigheden, hoe de huidige toets is vormgegeven, en welke verbeterpunten noodzakelijk zijn zodat de toets ook echte meerwaarde kan creëren.

De impact van wijzigende (markt) omstandigheden

De omstandigheden voor rente en sterfte ontwikkelingen hebben een significante impact op de prijs van lijfrente producten (repeterende uitkeringen tot overlijden van de deelnemer). Tabel 1 toont de waarde van een direct ingaande levens lange uitkering met waarde 1 voor mannen op basis van verschillende rentes (3% en 4%) en op basis van verschillende sterfte aannames (een oude aanname 8590 en een meer recente van 0308). Bijvoorbeeld, voor een man met leeftijd 25 is de contante waarde van een direct ingaande uitkering voor de combinatie 3% rekenrente en sterfte aanname 0308 gelijk aan 26,29:

Mannen 4%_8590 3%_8590 4%_0308 3%_0308
Leeftijd 25  21.35  25.46  21.89  26.29
Leeftijd 45  17.05  19.39  18.07  20.73
Leeftijd 65  10.25  11.06  11.54  12.53

Tabel 1: lijfrente tarieven mannen

En tabel 2 toont de tarieven voor vrouwen:

Vrouwen 4%_8590 3%_8590 4%_0308 3%_0308
Leeftijd 25  22.23  26.84  22.42  27.16
Leeftijd 45  18.76  21.67  19.09  22.14
Leeftijd 65  12.70  13.90  13.27  14.58

Tabel 2: lijfrente tarieven vrouwen

Uit tabel 1 en 2 blijkt dat het wijzigen van uitgangspunten aanzienlijke impact heeft op de tarieven van de producten. De rente aanname heeft vooral impact voor langere looptijden (jongere leeftijden) omdat hier een rente-op-rente effect speelt. Als wij naar het verschil kijken met de standaard tarieven van 4%_8590 valt ook het volgende op:

Mannen 3%_8590 4%_0308 3%_0308
Leeftijd 25  4.11  0.53  4.94
Leeftijd 45  2.34  1.02  3.67
Leeftijd 65  0.80  1.28  2.28

Tabel 3: verschil met 4%_8590

En tabel 4 voor vrouwen:

Vrouwen 3%_8590 4%_0308 3%_0308
Leeftijd 25  4.62  0.20  4.93
Leeftijd 45  2.92  0.34  3.38
Leeftijd 65  1.21  0.57  1.88

Tabel 4: verschil met 4%_8590

Uit tabel 3 en 4 blijkt dat als de rente en sterfte aannames beiden veranderen, dit een versterkend effect op elkaar heeft: de impact van de wijziging in kolom 3%_0308 is groter dan de som van de impact in kolommen 3%_8590 en 4%_0308.

How the mightly have fallen – de ondergang van Equitable Life

Een klassiek voorbeeld van rente risico is de ondergang de oudste Britse verzekeraar Equitable Life in 2001. Tijdens de dagen van hoge rente in de jaren 70 en 80 hadden zij garantie contracten afgesloten waarbij polishouders op pensioendatum hun kapitaal konden omzetten naar een lijfrente uitkering gebaseerd op een hoge rente van 7,5%. Echter gebeurde er in de jaren 90 een aantal omwentelingen die niemand voorzien had: de val van de Berlijnse muur, en uiteenvallen van de Sovjet Unie leiden opeens van een wereld met heel veel onzekerheden, naar een wereld met veel meer zekerheden. Dit had als gevolg dat ook de rente vergoeding, die voor een deel een vergoeding voor onzekerheid is, aanzienlijk daalde:

Interest rates.png

Figuur 1: dalende rentes in de Jaren 90

De rentes die Equitable Life in het verleden had afgegeven, bleken opeens niet meer te matchen met aanwezige beleggingen. Het verschil tussen de rente vergoeding aan de polishouder, en de rente vergoeding op staatsobligaties bleek in de jaren 90 zo groot te worden, dat in 2000 Equitable Life gesloten werd voor nieuwe business en in 2001 moest worden overgenomen door Halifax om faillissement te voorkomen. Rente risico kan een verzekeraar en verzekerden dus veel schade toebrengen.

Een diepere analyse door McDonnell in 2002 over de oorzaken van faillissementen van verzekeraars toont dat vooral de interactie tussen verschillende risico’s gevaarlijk kan zijn. Helaas besteedt het huidige LAT voorstel geen aandacht aan simultane risico gebeurtenissen.

Huidig voorstel[2]

De rente vaststelling in de LAT is een combinatie van het rendement op ex-NA staatsobligaties en US Treasury. In het huidige LAT voorstel zijn 2 methodieken uitgewerkt: de eerste met de rente op ex-NA staatsobligaties van voor 10-10-10[3] en de tweede met een rente na 10-10-10. Daartussen bestaat een groot verschil als Figuur 2 toont[4]:

Curacao yields

Figuur 2: groot verschil rentes voor 10-10-10 en na

Omdat het renteniveau zo verschilt, leidt deze tot significante verschillen bij het vaststellen van een voorziening (contante waarde toekomstige uitkeringen) van een lijfrente uitkering zowel bij mannelijke als vrouwelijke deelnemers:

  8590 0308
Voor 10-10 Na 10-10 Voor 10-10 Na 10-10
Leeftijd 25 16.30 34.86 16.54 36.49
Leeftijd 45 13.97 24.41 14.60 26.47
Leeftijd 65 9.05 12.65 10.10 14.57

Tabel 5: effect rekenrente mannen

  8590 0308
Voor 10-10 Na 10-10 Voor 10-10 Na 10-10
Leeftijd 25 16.67 37.67 16.76 38.32
Leeftijd 45 14.98 28.03 15.17 28.80
Leeftijd 65 11.01 16.41 11.45 17.31

Tabel 6: effect rekenrente vrouwen

Maar naast het rente effect, kan ook een langleven trend tot aanzienlijke wijzigingen leiden in tarieven. De sterftetafel van het Actuarieel Genootschap 2012-2062 bevat een trend in langer leven: de sterftekans van een 30-jarige in 2050 is bijvoorbeeld lager dan de sterftekans van een 30-jarige in 2020. Tabel 7 toont de impact van het wel en niet meenemen van een sterftetrend voor het jaar 2016 van de mannen-tabel:

  4% rekenrente 3% rekenrente
Geen trend Sterfte trend Geen trend Sterfte trend
Leeftijd 25  22.30  22.95  26.94  28.02
Leeftijd 45  18.83  19.78  21.77  23.09
Leeftijd 65  12.72  13.52  13.93  14.89

Tabel 7: effect langleven trend op tarieven

Ook uit tabel 7 blijkt dat het niet meenemen van een langleven trend, een aanzienlijke impact kan hebben op de hoogte van de pricing en reservering.

Verbeterpunten

Een positieve ontwikkeling in de LAT nieuwe regelgeving is de intrede van risico management. Zo worden verzekerings technische risico’s (sterfte en afkoop), krediet risico en operationeel risico specifiek genoemd en moeten deze gekwantificeerd worden. Echter, is de huidige tekst nogal vrijblijvend wat er van verzekeraars verwacht wordt qua kwantificering van risico’s: richtlijnen rondom het kwantificeren van risico’s zouden een duidelijker kader scheppen. Vooral voor markt risico’s zoals rente risico is dit een gemiste kans: de huidige regelgeving gaat uit van een punt schatting waarbij slechts een rente curve wordt doorberekend terwijl het berekenen van verschillende scenario’s veel meer inzicht geeft in de potentiele risico’s. Het is ook opmerkelijk dat andere markt risico’s (zoals aandelen, valuta of grondstoffen) helemaal niet in de toets ter sprake komen. Ook zou het voorschrijven van gespecificeerde scenario’s het gemakkelijker maken voor de toezichthouder om de verschillen tussen verzekeraars beter te doorgronden. Het effect van langleven is inmiddels ook in Curaçao onderzocht en onderbouwd[5]: berekeningen waarbij deze stijgende trend in levensverwachting wordt meegenomen zouden veel inzicht geven. Een prognosetafel (met trend) of een opslag zouden al een stap in de goede richting zijn. Als laatste zou een gecombineerd scenario waarbij verschillende factoren samen wijzigen (bv rente en sterfte) veel inzichten geven over toereikendheid voor het huidige lage rente klimaat waarin mensen steeds langer leven.

Conclusie

Zoals Keynes al zei “It is better to be roughly right than precisely wrong” maar helaas is de huidige uitwerking van de LAT een voorbeeld van het laatste. Door de focus op de “juiste” rentecurve, is de onzekerheid rondom rentes, en andere markt risico’s teniet gegaan in de toets. Hierdoor biedt de toets enkel een inschatting van de risico’s onder de huidige markt omstandigheden, en niet van de potentiële risico’s onder wijzigende markt omstandigheden. Dit laatste zou een directie van een verzekeraar, en de toezichthouder veel meer inzicht geven in hun portefeuille zodat zij tijdig in staat zijn om bij te sturen. Dat veranderingen in rendementen en rentes grote impact kunnen hebben op het voorbestaan van verzekeraars toont het voorbeeld van Equitable Life. De toezichthouder zou er daarom goed aan doen om via scenario analyse deze markt risico’s een prominente plaats te geven in de risico meting en beheersing die uiteindelijk het doel is van de LAT.

Referenties

Actuarieel Genootschap, Prognosetafel AG 2012-2062, http://www.ag-ai.nl/view.php?Pagina_Id=496

Buck consultants, Augustus 2015: update sterfte onderzoek, http://buckconsultants.cw/augustus-2015-update-sterfteonderzoek-1

CBCS, LAT regelgeving september 2015, http://www.centralbank.cw/uploads/files/LAT-richtlijn%20ARAS%20v2.7%20NL.pdf

Curacao rentes, CBCS financial market information 31-12-2015, http://www.centralbank.cw/uploads/files/FMI%20Dec%202015.pdf

Equitable Life, https://en.wikipedia.org/wiki/The_Equitable_Life_Assurance_Society

McDonnell, W., Managing risk: practical lessons from recent “faillures” of EU insurers, FSA Occasional paper series 20 (December 2002)

[1] Contante waarde van lasten – baten

[2] Zie website CBCS, LAT regelgeving september 2015

[3] Datum opheffing Land Nederlandse Antillen

[4] Data per 31-12-2015

[5] Zie Buck sterfte onderzoek

About Servaas Houben

I am a Dutch actuary and worked in the Netherlands for the first 4 years of my career. Thereafter, I worked for 2 years in Dublin and 4 years in London. I am now heading the actuarial department of ENNIA in Curacao.
This entry was posted in Articles, Curacao, discount rate, Dutch, Investments, Longevity, Pensions, Risk Management, VBC Magazine. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s